Bijkomende problemen en comorbiditeit
ODD en CD gaan vaker dan gemiddeld samen met andere kinder- en
jeugdpsychiatrische stoornissen of ernstige problemen. Vaker dan
gemiddeld komen voor: ADHD, stemmings- en angststoornissen,
cognitieve problemen, syndroom van Gilles de la Tourette,
autismespectrumstoornissen, emotionele stoornissen en
middelenmisbruik.
ADHD
Geschat wordt dat 10% tot 35% van de kinderen met CD of ODD
daarnaast ook ADHD heeft. Vaak heeft het kind eerst ADHD en
ontwikkelt dan later ODD of CD. Kinderen met CD en ADHD hebben
minder goede vooruitzichten dan kinderen die alleen CD hebben. Ze
zijn agressiever, gedragen zich crimineler als adolescent en plegen
meer geweldsdelicten als volwassene. Ook maken ze meer kans op het
krijgen van een persoonlijkheidsstoornis.
Gilles de la Tourette
CD gaat vaker samen met het syndroom van Gilles de la Tourette.
Een specifiek deel van de hersenen (de basale ganglia) is zowel
betrokken bij het ontstaan van tics als ook bij het beheersen van
impulsen.
Stemmings- en angststoornissen
Kinderen met CD of ODD hebben relatief vaak last van stemmings-
en angststoornissen. Van de kinderen met CD heeft naar schatting
15-30% last van een depressie: ze hebben meer zelfmoordneigingen,
maar zijn minder agressief dan de kinderen met alleen CD. Meisjes
hebben vaker een depressie, een stoornis in middelengebruik of een
angststoornis dan jongens, maar lopen minder kans op een
antisociale persoonlijkheidsstoornis. Ook angststoornissen komen
vaak voor, meer bij kinderen met ODD dan CD.
Middelengebruik
Ongeveer de helft van de kinderen met CD ontwikkelt een stoornis
in het gebruik van middelen. Adolescenten met ODD beginnen eerder
met roken, gebruiken meer tabak, drugs en alcohol en lopen meer
risico om verslaafd te raken als ze volwassen zijn.
Cognitieve problemen
Leerproblemen
Kinderen met CD en ODD hebben relatief vaak last van
leerproblemen, moeite met het verwerken van informatie,
aandachtsproblemen, moeite met plannen en zich te uiten en anderen
te begrijpen.
Het is mogelijk dat CD/ODD en leer- en taalproblemen een
gemeenschappelijke basis hebben. Deze kinderen hebben moeite met
het onder woorden brengen van gevoelens en behoeften, en met het
bedenken van verschillende oplossingen bij een probleem. Daar
hebben ze taal voor nodig. Ook voor nadenken over hun gedrag, in de
toekomst en het verleden, hebben kinderen taal nodig. Als ze het
moeilijk vinden om woede en frustratie te benoemen, vinden ze het
waarschijnlijk ook moeilijk om na te gaan welke reactie het meest
geschikt zou zijn.
Sociale cognities
Kinderen met CD of ODD kunnen zich niet goed in een ander inleven.
Ze zijn egocentrischer en denken al gauw dat anderen vijandige
bedoelingen hebben. Ze kunnen niet zo goed een oplossing bedenken
als zich een probleem voordoet, en kiezen dan vaker voor een
agressieve oplossing dan andere kinderen.
Lichamelijke aandoeningen
Er zijn geen lichamelijke ziekten bekend die vaker voorkomen bij
jongeren met ODD.
Geplaatst op: 14-02-2012