Pleegzorg

Jeugdhulp omvat ook de pleegzorg. Pleegzorg is een bijzondere vorm van hulp aan uit huis geplaatste jeugdigen. Als een jongere niet meer thuis kan wonen zal altijd eerst bekeken worden of deze jongere op kan worden genomen in een pleeggezin. Pas als dit niet mogelijk is, is opname in een instelling mogelijk. Kinderen zijn vaak beter af in een pleeggezin omdat zij dan in een gezinsverband kunnen opgroeien. Binnen de pleegzorg zijn er twee varianten: de hulpverleningsvariant en de opvoedvariant.

 

Informele en formele pleegzorg

Pleegzorg kan informeel plaatsvinden. Het kind wordt dan door bekenden uit het netwerk opgenomen in de gezinssituatie. Voor deze vorm is meestal geen pleegcontract gesloten. Het kan wel op een later moment alsnog ‘geformaliseerd’ worden. Dan wordt er een overeenkomst gesloten met een pleegzorgaanbieder en zijn de bepalingen uit de Jeugdwet van toepassing. Dit kan van belang zijn voor de vergoeding van bijvoorbeeld kosten voor verzorging en opvoeding.

Een groot aantal kinderen dat opgevangen wordt in een pleeggezin ontvangt ‘formele pleegzorg.’ In dit geval kan er sprake zijn van vrijwillige of gedwongen pleegzorg, waarbij voor beide vormen geldt dat er een overeenkomst is gesloten met een jeugdhulpaanbieder en de bepalingen van de Jeugdwet van toepassing zijn.

Zie ook de Richtlijn Pleegzorg voor meer informatie. Deze richtlijn gaat over kinderen en jongeren die in een ander gezin worden opgevangen als het thuis niet gaat. De richtlijn is bedoeld voor professionals die zijn betrokken bij de uitvoering van pleegzorg.

 

Vrijwillige en gedwongen plaatsing

Kinderen kunnen vrijwillig in een pleeggezin worden geplaatst. Dit betekent dat degene die het ouderlijk gezag heeft instemt met de plaatsing van de jeugdige in het pleeggezin. Het kan ook zijn dat een kind gedwongen wordt geplaatst in een pleeggezin. Dit gebeurt als de voogdij niet langer bij de biologische ouders ligt.

 

Hulpverlenende en opvoedende pleegzorg

Pleegzorg gericht op hulpverlening is gericht op herstel van de gezinssituatie. Bij deze vorm van pleegzorg wordt het gezin (de natuurlijke ouders van de jeugdige) intensieve ambulante hulp geboden. De hulp is gericht op een zo snel mogelijke terugkeer van de jeugdige of op het zo snel mogelijk duidelijk krijgen dat terugkeer niet haalbaar is.

Pleegzorg met een opvoedend karakter is gericht op langdurige opvang van de jeugdige binnen het pleeggezin. Hulp en steun aan de natuurlijke ouders is in het kader van jeugdhulp niet langer nodig. Wel behouden de natuurlijke ouders hun recht op omgang met hun kinderen.

Een kind kan 7 dagen en nachten per week worden opgevangen door het pleeggezin, dit kan ook minder zijn. Dit is het geval als een kind in de weekenden en vakanties tijd doorbrengt met het pleeggezin en de rest van de week bij het eigen gezin woont of in een residentiële instelling is opgenomen. Dit wordt wel deeltijdpleegzorg genoemd.

Lees meer informatie in de Richtlijn Residentiële jeugdhulp. Het gaat hierbij om hulp voor jeugdigen die in een groep wonen en 24 uur per dag begeleid worden door een team van jeugdprofessionals.

 

Regels in de Jeugdwet

Voor de pleegzorg zijn specifieke regels opgenomen in de Jeugdwet. Deze regels hebben betrekking op de eisen die aan een pleegouder worden gesteld, de vergoeding voor verzorging en opvoeding en de informatie-uitwisseling.

Daarnaast zijn er regels opgenomen over de betrokkenheid van ouders en pleegouders bij het hulpverleningstraject en de bevoegdheid die een pleegouder heeft om zelf beslissingen te nemen:

  • De ouders (oorspronkelijke opvoeders) van de jeugdige moeten op duidelijke wijze ingelicht worden over de voorgenomen inzet van jeugdhulp en de geconstateerd opgroei- en opvoedingsproblemen, psychische problemen en stoornissen.
  • Er moet overleg plaatsvinden met de oorspronkelijke opvoeders en de pleegouders over de opstelling van het hulpverleningsplan en als er een kinderbeschermingsmaatregel is opgelegd of jeugdreclassering over het plan van aanpak.
  • Als een pleegouder ook de voogdij heeft, dat wil zeggen ook degene is die gezag heeft, dan is er sprake van een pleegoudervoogd. Een pleegoudervoogd is bevoegd om zelf beslissingen over de jeugdige te nemen. Als een pleegouder die niet ook de voogdij heeft, dan blijft de voogd bevoegd (dit is bijvoorbeeld een medewerker van een gecertificeerde jeugdhulpinstelling zoals Bureau Jeugdzorg).