Wachtlijsten gespecialiseerde ggz treffen vooral volwassenen met autisme

Zorgaanbieders en zorgverzekeraars moeten actie ondernemen om de wachtlijsten voor volwassenen met autisme in de gespecialiseerde ggz terug te dringen. Verwijzers zoals huisartsen en bedrijfsartsen moeten hun deskundigheid op het gebied van autisme vergroten.

Dit staat in de Marktscan ggz 2016 van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa), die het ministerie van VWS op 1 juni 2017 naar de Tweede Kamer stuurt.  De NZa is een onafhankelijke organisatie die onder meer toezicht houdt op de toegankelijkheid van de zorg.

Gemiddeld wachtten volwassenen in 2016 zes weken op een intakegesprek bij een instelling voor gespecialiseerde ggz, ondanks dat een wachttijd van vier weken in de zorg als aanvaardbare norm geldt. Vooral mensen met autisme en persoonlijkheidsstoornissen wachten volgens de NZa doorgaans lang op een intake-gesprek. En na dit gesprek wacht de helft wederom langer dan vier weken voordat er een diagnose ligt; een kwart zelfs langer dan acht weken. Verschillen tussen zorgverzekeraars zijn er volgens de NZa niet. Het langst zijn de wachttijden voor gespecialiseerde ggz in de provincies Limburg, Drenthe en Utrecht, het kortst in Zeeland en Groningen.


Huisarts

Zorgaanbieders en zorgverzekeraars moeten actie ondernemen om deze wachtlijsten terug te dringen’, zo staat in de Marktscan ggz 2016. Volgens de zorgautoriteit moet er onder andere worden gewerkt aan het vergroten van de autisme-deskundigheid bij verwijzers. ‘Het zou heel goed zijn als huisartsen en bedrijfsartsen goede bijscholing zouden krijgen op het gebied van autisme’, zegt klinisch psycholoog en autisme-specialist Annelies Spek, voorzitter van de werkgroep Zorgstandaard Autisme. ‘Veel artsen zeggen dat ze er te weinig over hebben geleerd tijdens hun opleiding.’ Volgens Swanet Woldhuis, directeur van de Nederlandse Vereniging voor Autisme (NVA) en oudervereniging Balans, zou de huisarts weer de centrale persoon moeten zijn die de zorg coördineert. ‘De budgetten voor de wijkteams  gaan nu ten koste van de gespecialiseerde zorg in gemeenten.’

Volgens Woldhuis ligt de bal nu vooral bij de zorgverzekeraars. ‘Die hebben zorgplicht en moeten ervoor zorgen dat er voldoende kwalitatief goede zorg wordt ingekocht bij voldoende aanbieders. De patiënt moet de keuze hebben en niet, zoals nu vaak het geval is, op dichte deuren stuiten bij veel zorgaanbieders.’

Volgens Spek hebben de relatief lange wachtlijsten onder andere te maken met de stijging van het aantal mensen dat op latere leeftijd het diagnosetraject ingaat. ‘En dat is het gevolg van de grotere maatschappelijke aandacht voor autisme. Je ziet hetzelfde gebeuren met mensen met gender-identiteitsproblemen, ook voor hen lopen de wachtlijsten op dit moment op. Zorgbudgetten zouden mee moeten bewegen met deze maatschappelijke ontwikkelingen.’


Oormerken budget

Zorgverzekeraars wordt door de zorgautoriteit geadviseerd om behandelgeld voor personen met autisme of persoonlijkheidsstoornissen voortaan te oormerken. Hiermee kan volgens de NZa worden voorkomen dat de behandeling van deze doelgroep – die vaak relatief lang duurt – een financieel risico vormt voor zorgaanbieders. ‘Dat vind ik een goed signaal’, zegt Spek. ’Op dit moment wordt voor ingewikkelde patiënten soms de deur dichtgehouden uit financiële overwegingen, zelfs door gespecialiseerde instellingen. Nadeel van oormerken kan echter zijn dat deze maatregel leidt tot nog meer administratieve rompslomp voor zorgverleners.’

De zorgautoriteit wil dat zorgverzekeraars en zorgaanbieders contractueel gaan vastleggen dat behandelaren werken volgens richtlijnen en zorgstandaarden, vooral om onnodige behandeling te voorkomen. ‘Dat kan zeker helpen, vooral omdat de nieuwe Zorgstandaard Autisme die eind dit jaar klaar zal zijn heel erg uitgaat van het perspectief van de patiënt’, zegt Spek. ‘Maar richtlijnen en zorgstandaarden moeten wel altijd het uitgangspunt blijven en niet keihard worden opgelegd. Er zijn bijvoorbeeld altijd patiënten die een uitzondering hierop nodig hebben, bijvoorbeeld iemand met meerdere aandoeningen.’


Autisme-experts

Ook in de Marktscan ggz 2015 signaleerde de NZa al relatief hoge wachttijden voor mensen met autisme in de gespecialiseerde ggz. In het in november 2016 verschenen Rapport Onderzoek Zorgplicht van de NZa worden door zorgverzekeraars en zorgaanbieders onder meer de volgende oorzaken genoemd: het verkeerd verwijzen en het gebrek aan autisme-experts bij instellingen. ‘Gespecialiseerde ggz-instellingen zijn op dit moment heel huiverig om personeel een vaste aanstelling te geven omdat zij niet weten welk budget zij in de nabije toekomst van zorgverzekeraars zullen krijgen’, zegt Spek. ‘Het gevolg is dat van veel mensen na twee jaar het contract niet wordt verlengd omdat ze vanaf dat moment een vaste aanstelling moeten krijgen. Zo kan je natuurlijk weinig expertise opbouwen.’

Woldhuis vindt dat instellingen op dit moment teveel tijd en geld kwijt zijn aan administratie, dit gaat volgens haar ten koste van de zorg. ‘De facturatie en verantwoording zouden echt een stuk eenvoudiger moeten, en op uniforme wijze in elke gemeente.’


Preventie

Volgens Woldhuis moet er meer aandacht komen voor preventie, onder andere door patiëntenverenigingen. ‘Bij de NVA en Balans komen enorm veel vragen binnen om ondersteuning en informatie op het gebied van autisme’ zegt Woldhuis. ‘Ook van diverse hulplijnen in het land die zich geen raad weten met de vaak zeer complexe vragen. Wij hebben de expertise in huis, maar kunnen de hoeveelheid vragen nu niet aan omdat wij hiervoor geen financiering meer ontvangen vanuit de overheid. Wij nodigen het ministerie van VWS, de NZa en Zorgverzekeraars Nederland uit om hierover met ons in gesprek te gaan.’

Mensen die lang op hulp moeten wachten adviseert de NZa om hun zorgverzekeraar om bemiddeling te vragen. Als dat niet helpt, kunnen zij een melding doen bij de NZa.

Door onze redacteur Julie Wevers

 

Lees hier de Marktscan ggz 2016

Artikel Wat kunt u doen als u lang moet wachten? van de NZa