ODD en CD in het gezin

Als een kind ODD of CD heeft, lijdt het hele gezin daaronder. Het kan voor veel stress en spanning zorgen. Omdat deze kinderen voortdurend strijd voeren, kunnen ouders hier een zware opvoedklus aan hebben. Ouders hebben bovendien het gevoel dat de andere kinderen in het gezin tekortkomen. En niet alleen bent u als ouder zelf vaak in strijd met uw kind, maar soms ook nog met de omgeving. Ouders van kinderen met ODD of CD kunnen te maken krijgen met commentaar op hun opvoeding, omdat er door de omgeving soms getwijfeld wordt aan hun opvoedingskwaliteiten. Ook kan de omgeving vinden dat u het (ten onrechte) voor uw kind opneemt.

 

Roep op tijd hulp in

Het is belangrijk op tijd hulp in te roepen. Wacht niet tot de problemen u boven het hoofd groeien. Hoe eerder wordt begonnen met hulp en behandeling, hoe beter en hoe ruimer de mogelijkheden zijn. Ook ouders zijn hierbij gebaat. Hoe meer u weet over de aandoening van uw kind, hoe eerder u weet wat realistische verwachtingen zijn en hoe u uw kind het beste kunt benaderen. Als u het gedrag van uw kind beter begrijpt, voelt u zich mogelijk ook minder schuldig of minder machteloos. Als de stap naar de psychiater te groot is om mee te beginnen, kunt u met uw bezorgdheid eerst terecht bij de huisarts of de kinderarts. Zij kunnen u advies geven over de te nemen stappen.

 

De gevolgen

De gevolgen van agressieve gedragsstoornissen kunnen zeer ernstig zijn, zowel voor het kind zelf als voor het gezin waarin het opgroeit. Een moeilijk kind lokt gemakkelijk woede uit.

Een ouder kan met harde discipline proberen het gedrag van het kind te beteugelen. Hierdoor worden de gedragsproblemen meestal alleen maar erger. Ook op school kunnen de gedragsproblemen verergeren als de lessen regelmatig worden verstoord. Het kind kan door zijn storende gedrag door leeftijdsgenoten worden verstoten. De kans op antisociaal gedrag neemt dan toe: het kind zoekt intensiever contact met leeftijdsgenoten die ook gedragsproblemen hebben.

 

Neerwaartse spiraal

In het uiterste geval kan een agressieve gedragsstoornis leiden tot mishandeling van ouders, van broertjes en zusjes, van dieren of van leeftijdsgenootjes. De ervaring leert dat op het thema ‘mishandeling door kinderen en jongeren binnen het gezin’ een groot taboe rust. Het kost ouders vaak grote moeite om het probleem in ware omvang te onderkennen en te erkennen. Zij schamen zich zo dat ze pas hulp gaan zoeken als de neerwaartse spiraal van steeds verder escalerend gedrag nauwelijks meer is om te buigen. Het gezin kan hierdoor ernstig geïsoleerd raken.

 

Zo vroeg mogelijk ingrijpen

Agressieve gedragsstoornissen worden vaak in verband gebracht met later optredend crimineel en delinquent gedrag. Uit onderzoek blijkt dat vooral antisociaal gedrag op de kinderleeftijd (onder de tien jaar) een voorspellende waarde heeft voor later optredende ernstige – met name gewelddadige – delinquentie. Ook lopen deze kinderen een groter risico op onder andere vroegtijdig schoolverlaten, alcoholisme, drugsmisbruik en antisociale- of borderline persoonlijkheidsstoornis. Daarom is het belangrijk om zo vroeg mogelijk in te grijpen.

 

Brusjes

Voor broers of zussen (brusjes) is het niet altijd gemakkelijk om een broer of zus met ODD of CD te hebben. Een kind met zo’n stoornis vraagt zeer veel aandacht van de ouders. Daardoor is er vaak minder aandacht voor de brusjes. Brusjes moeten bovendien op een andere manier met deze broer of zus omgaan dan met hun andere broers of zussen die geen ODD of CD hebben. Daarnaast kan het voorkomen dat de brusjes het gedrag van hun broer of zus kopiëren. Dit kan een schreeuw om aandacht zijn. Het is voor ouders lastig om in het gezin met twee maten te meten. Toch kan dat niet anders als er sprake is van ODD of CD.

De ouders kunnen het best begrip tonen en erkennen dat broers of zussen het soms moeilijk hebben. Deze gevoelens mogen er zijn. Maar het kind met ODD heeft natuurlijk ook leuke kanten, die net zo goed moeten worden erkend. Alle kinderen vinden het fijn als u met hen apart af en toe iets gezelligs doet. Misschien zijn er naast u ook familieleden of vrienden die uw kind een keer extra exclusieve aandacht kunnen geven.

Speciaal voor brusjes worden er door verschillende organisaties brusjesgroepen georganiseerd. Hier kunnen zij praten met kinderen die in dezelfde situatie zitten. Op de website Survivalkid vinden jongeren (12-24 jaar) met een broertje, zusje of ouder met een psychische stoornis informatie over psychische problemen en/of verslaving. Op de website Bijzondere broer of zus vinden jongeren informatie, maar kunnen ze ook in contact komen met andere brussen.

 

Begeleiding thuis

Kinderen met ODD of CD vragen om een speciale opvoedkundige benadering van de ouders. Daarom is het belangrijk dat ouders worden getraind in hun reacties op het probleemgedrag van hun kind. Omdat het zo moeilijk is deze kinderen op te voeden, hebben ouders deze ondersteuning hard nodig. Ook is het verstandig zoveel mogelijk te weten te komen over de stoornis van uw kind. U leert dan waarom en in welke situaties uw kind problemen heeft en wat helpt om uitbarstingen te voorkomen.

Er bestaat ook de mogelijkheid van ondersteuning vanuit een F-ACT team. Flexible ACT (F-ACT) staat voor Flexible Assertive Community Treatment. Het gaat om laagdrempelige hulpverlening die zich vooral richt op netwerkuitbreiding, wonen en werk. Interventies op het gebied van psychiatrie worden ingevlochten.

Bij F-ACT gaat het om behandeling en begeleiding van mensen met een ernstige psychiatrische aandoening. Naast problemen op psychiatrisch gebied is er vaak ook sprake van andere problemen op meerdere levensdomeinen (op school, op het werk, op sociaal gebied). Behandeling is gericht op vermindering van symptomen en het leren omgaan met de aandoening. De begeleiding kan zich richten op alle levensdomeinen.

 

Handvatten voor thuis

  • Verzamel informatie over de agressieve gedragsstoornis. Het gedrag van uw kind is geen onwil maar onmacht.
  • Stel duidelijke regels over belonen, straffen en negeren.
  • Wees consequent, hoe lang het kind ook zeurt en dramt.
  • Wees duidelijk en voorspelbaar.
  • Geef zelf het goede voorbeeld.
  • Laat u niet verleiden tot dwingen, dreigen of geweld gebruiken.
  • Voer waarschuwingen en straffen altijd uit.
  • Laat uw kind sporten. Door sport kan uw kind zich ontladen. Bovendien leert het omgaan met winnen en verliezen en krijgt hij of zij meer inlevingsvermogen en zelfvertrouwen.
  • Buiten spelen is ook heel goed om energie kwijt te raken.
  • Geef uw kind voldoende positieve aandacht en complimenten, hoe moeilijk dat soms ook is.
  • Kom altijd uw beloften na.
  • Laat altijd weten waar u bent en verwacht dit ook van uw kind.
  • Leer te kijken naar de aanleiding van het probleemgedrag, uw eigen rol daarin en probeer daar in volgende situaties zoveel mogelijk rekening mee te houden.

Meer informatie over wat er werkt bij het voorkomen en verminderen van gedragsproblemen vindt u op de website van het Nederlands Jeugdinstituut (NJi).