Hoogbegaafdheid op school

Hoogbegaafde kinderen hebben onderwijs nodig dat is afgestemd op hun individuele mogelijkheden. Zij hebben vaak meer dan andere leerlingen behoefte aan autonomie. Vertrouwen bieden, zelfsturend leren en verantwoordelijkheid geven over het eigen leerproces, zijn zaken die goed aansluiten bij hoogbegaafde kinderen. Zij moeten dan wel stapsgewijs leren hoe zij toewerken naar een eindproduct en dus een structuur aangeboden krijgen die daarbij kan helpen (zoals het TASC-model).

 

Open en coachende houding

Van de leerkracht wordt een open en coachende houding gevraagd waarbij hij of zij de leerling en de standaardlesmethoden veel meer loslaat. Dit vraagt ook om ondersteuning van de schoolleiding voor de leerkracht en vertrouwen om met andere middelen naar een einddoel toe te werken. Ouders kunnen hierbij behulpzaam zijn. Ook een ervaren IB-er of een externe deskundige kan de leerkracht ondersteunen bij het vormgeven van een onderwijsprogramma op maat voor de hoogbegaafde leerling.

 

Leren om fouten te maken

Voor kinderen is het op school, maar ook thuis, belangrijk dat zij leren om fouten te maken. Hoogbegaafde kinderen willen (meestal) laten zien dat zij het goed doen en slim zijn, waarbij zij het risico lopen om moeilijke opdrachten uit de weg te gaan en daarmee proberen te vermijden dat zij kunnen falen. Deze houding (vaste ‘mindset’) belemmert hen om te groeien en te ontwikkelen. Kinderen moeten leren ‘leren’ en ook fouten durven maken om vastlopen en faalangst op latere leeftijd te voorkomen.

 

Uitdagingen en compacten

Extra lesstof, dus méér van hetzelfde, heeft weinig nut bij hoogbegaafde kinderen. Zij hebben meer baat bij andere uitdagingen, die aansluiten bij hun interessegebieden (vreemde talen, techniek, muziek). Daarnaast kan het compacter maken van de lesstof helpen om verveling te voorkomen. Bijvoorbeeld de eerste twee opdrachten controleren op uitkomst en dan de herhalingsoefeningen overslaan als een kind de stof snel beheerst.

Een programma op maat maken is belangrijk voor hoogbegaafde kinderen om secundaire problemen, die kunnen ontstaan uit verveling of faalangst, te voorkomen. Om dat voor elkaar te krijgen kunt u in gesprek gaan met school, de IB-er of een gespecialiseerde hulpverlener op het gebied van hoogbegaafdheid.

 

Passend onderwijs voor hoogbegaafde leerlingen

Passend onderwijs staat voor een zo passend mogelijk onderwijsaanbod voor alle kinderen. Niet alleen kinderen met een beperking of een leerprobleem, maar ook talentvolle en hoogbegaafde leerlingen kunnen hiervan gebruik maken. De behoeften van de hoogbegaafde leerling vallen binnen de basisondersteuning, die elke school moet kunnen aanbieden. Voor deze leerlingen betekent dit bijvoorbeeld, dat de stof compacter aangeboden wordt, dat zij meer verrijkende stof krijgen of versnellen (een klas overslaan). Voor lichte ondersteuning kan een school extra middelen gebruiken, door bijvoorbeeld plusklassen aan te bieden, waar een gespecialiseerde leerkracht het onderwijs verzorgt. En ten slotte kan een samenwerkingsverband voor nog eens extra ondersteuning kiezen, indien er naast de hoogbegaafdheid sprake is van bijkomende problematiek, zoals autisme.

Er zullen altijd speciale voorzieningen blijven voor de leerlingen die dat nodig hebben. Ook voor hoogbegaafde leerlingen. Het is aan de besturen in de regio om te bepalen welke speciale voorzieningen er binnen een samenwerkingsverband aangeboden worden en in welke mate extra ondersteuning in het regulier onderwijs beschikbaar is. Voor het onderwijs aan hoogbegaafde leerlingen en het treffen van voorzieningen komt extra geld beschikbaar. Het is daarbij belangrijk dat samenwerkingsverbanden een integrale afweging maken, zodat ze voor alle leerlingen een passend onderwijsaanbod kunnen doen.

Welke ondersteuning de school kan bieden aan hoogbegaafde leerlingen moet opgenomen zijn in het ondersteuningsprofiel van de school. Dit profiel vindt u in de schoolgids. In het ondersteuningsplan van het samenwerkingsverband vindt u wat de mogelijkheden voor ondersteuning binnen uw regio zijn.

 

Informatiepunt Onderwijs & Talentontwikkeling

Het Informatiepunt Onderwijs & Talentontwikkeling ondersteunt samenwerkingsverbanden bij het vormgeven van een passend aanbod voor hoogbegaafde leerlingen op alle ondersteuningsniveaus. Leerlingen met kenmerken van begaafdheid en kenmerken van leer- en/of gedragsproblemen zijn dubbel bijzonder. Meestal worden ze echter niet als zodanig (h)erkend.

 

Toptalenten

Het kabinet vindt dat toptalenten in het basisonderwijs en voortgezet onderwijs moeten kunnen uitblinken. Deze talenten moeten passend onderwijs krijgen. Daarom stelt het kabinet geld beschikbaar en is er een plan van aanpak opgesteld.