Financieel kader

Het nieuwe bekostigingssysteem passend onderwijs heeft het bekostigingssysteem voor het (voortgezet) speciaal onderwijs ((V)SO) en de leerlinggebonden financiering (LGF)/rugzakje vervangen. De manier waarop de middelen voor ‘lichte ondersteuning’ worden toegekend, is hetzelfde gebleven.

  • In het primair onderwijs zijn dat de middelen voor ‘weer samen naar school’ (WSNS).
  • In het voortgezet onderwijs het regionale zorgbudget, de reboundmiddelen, de middelen voor Herstart en Op de rails en de middelen voor leerwegondersteunend en praktijkonderwijs.

 

Verevening

Het aanvullende budget voor extra ondersteuning wordt naar rato van het aantal leerlingen in het samenwerkingsverband, verdeeld over de samenwerkingsverbanden. Met dit budget kunnen samenwerkingsverbanden de kosten voor extra ondersteuning betalen.

Het ondersteuningsbudget was voor de invoering van passend onderwijs ongelijk verdeeld over het land. Het percentage leerlingen met een indicatie voor (V)SO/LGF verschilde sterk per regio. Onderzoek heeft aangetoond dat er geen reden is waarom in sommige regio’s meer kinderen gebruik maken van extra ondersteuning dan in andere regio’s. Daarom adviseerde de commissie om het beschikbare budget voor extra ondersteuning naar verhouding van het aantal leerlingen te verdelen, ofwel te verevenen. Deze verandering begon in het schooljaar 2015-2016 en wordt geleidelijk doorgevoerd tot 2020.